Mensen leggen de verantwoordelijkheid voor een besluit nogal eens buiten zichzelf: bij de leidinggevende, bij de omstandigheden. Met het consentbeginsel kan het ook anders: dat geeft je veel meer mogelijkheden tot het nemen van medeverantwoordelijkheid. Dat gaat niet altijd meteen vanzelf.

Een kringlid schampert dat de SKM ‘niet werkt, want er is een leidinggevende gekozen en die functioneert niet.’ Maar wacht even. Datzelfde kringlid heeft wel, als afgevaardigde, zijn consent gegeven aan de verkiezing van die persoon. Waarom dan? ‘Ja, die man zit vlak voor zijn pensioen en dan kun je het niet maken om iemand niet meer te kiezen en in salaris achteruit te laten gaan’, luidt het antwoord.

Interne besluitvorming
Het moge duidelijk zijn: dit is geen kwestie van al of niet ‘werken’ van de SKM, want dat is alleen maar een methode die je goed gebruikt of niet. Het voorval roept daarentegen wel vragen op over de interne besluitvorming van dit kringlid. Dat zou zich beter af kunnen vragen: waarom heb ik consent gegeven aan dit voorstel, terwijl ik er niet tevreden mee ben? Wat doe ik daaraan? Misschien moet ik wel anders omgaan met mijn bezwaren. In de kring zeggen: ‘Ik zit ergens mee. Kunnen wij het hier maken om iemand vlak voor zijn pensioen niet meer tot leidinggevende te kiezen?’

Consentbesluitvorming kan een openbaring zijn: eindelijk doen je argumenten ertoe in een vergadering! Aan dit ‘gezien worden’ zit echter ook een andere kant: iedereen ziet het als je een afwijkende mening hebt. Of als enige bezwaren ziet bij een voorstel. Het kan lastig zijn die te berde te brengen. In je eentje de groep trotseren kan eng zijn. Bang dat je uit de toon valt, de boodschapper bent van slecht nieuws.

Omdat ik het zeg!
Die angst is begrijpelijk. De meesten van ons zijn opgegroeid in een omgeving waarin anderen bepalen of een zienswijze ermee door kan of niet. Zo gaat het vaak in gezinnen, op school, op het werk. Vader of moeder, de docent of de leidinggevende zijn de baas, en die bepalen nogal eens of het onzin is wat iemand zegt. (Onlangs op straat gehoord, een moeder tegen haar kind: ‘Waarom jij zodadelijk naar bed moet? Omdat ik het zeg!’ Het overmachtsargument in pure vorm.)

In zulke omstandigheden wil het vaak niet zo vlotten met het nemen van verantwoordelijkheid voor besluiten. Je mag het gewoon niet. Dan is het niet gek dat je moet leren dat het anders gaat in een kring, waar niet de macht van iemands positie geldt, met alle sanctiemogelijkheden van dien, maar de macht van het argument.
Help jezelf dus een handje om de nieuwe mogelijkheden te benutten.

Gesprek in de hersenpan
Het ten volle benutten van het consent kan door in gesprek te gaan met jezelf. De hersenpan is de aangewezen plek om te beginnen met het uitwisselen van argumenten, uw eigen argumenten. Want bijna alles heeft voor- en nadelen. Het consent nodigt uit tot zo’n gesprek, omdat je ook verantwoordelijk bent voor de uitvoering van het besluit. Jezelf machteloos houden en de verantwoordelijkheid af te schuiven op de omstandigheden, of op ‘de anderen’, is er niet meer bij.

Zo’n gesprek aangaan kan over allerlei vragen, zowel in je privé- als je werkzame leven. Soms zijn de kwesties makkelijk (waar ga ik naartoe op vakantie), soms ingewikkelder (kan ik het maken om mijn leidinggevende niet te kiezen, zo vlak voor diens pensioen).
In je persoonlijke leven zul je niet snel een formele kring hebben om je vraag te bespreken. Vaak heb je wel mensen wier oordeel je vertrouwt, die je advies kunnen geven: zij zijn als het ware je ‘topkring’ met externe deskundigen, die hun licht over een vraag kunnen laten schijnen vanuit verschillende invalshoeken.
Maak je deel uit van een formele kringstructuur, dan is de kring de plaats bij uitstek om je afwegingen ter sprake te brengen. Die kring heeft een gemeenschappelijke doelstelling: een zo goed mogelijke leidinggevende kiezen bijvoorbeeld. Als jij niet kunt leven met een bezwaar, is het een probleem van de kring. Want je wil iets samen doen, met de mensen in die kring.

Spanning hoort erbij
Je vragen, twijfels of bezwaren in de kring ter sprake brengen is een spannende stap. Wat zullen ze wel niet denken? Maar die spanning hoort erbij. Het is een teken van ongemak, van onrust, maar ook van creativiteit. Zeg wat je op je hart hebt, en zie wat het oplevert. Een vraag in de kring stellen levert andere gezichtspunten op dan waar je zelf op was gekomen. En die leidt mogelijk tot nieuwe oplossingen.

Zo bezien vraagt de SKM om leiding te geven aan jezelf. Om je meningen, twijfels en bezwaren bij een voorstel te onderzoeken, in plaats van ervan weg te lopen. Om met jezelf in gesprek te gaan. En om vervolgens, als dat nodig is, ze in de kring op tafel te leggen. SKM laat het individu ontstaan. En het valt te leren. Al kennen mensen daarin natuurlijk verschillende stadia van ontwikkeling, en gaat het de een makkelijker af dan de ander.

Verschillen maken creatief
Wees in de kring niet bang voor de verschillen. Het is niet jouw woord tegen dat van de anderen, het is niet of-of. Het is én-én. Neem het voorbeeld van de regenjas. Die is én waterdicht én ademend. Veel beter dan een regenjas die alleen waterdicht is en waarin je je kapotzweet, of een louter ademende jas waar het regenwater zo doorheen komt. Wie weet wat voor oplossing er was gevonden voor die leidinggevende waar de medewerker uit het begin dit verhaal zo mee zat.

Het Sociocratisch Centrum Nederland helpt je graag om het gesprek in jezelf of in groepen in goede banen te leiden. Daartoe hebben we twee cursussen ontwikkeld. De eerste is Leidinggeven aan jezelf, die in september plaatsvindt. De tweede is de training voor gespreksleiders. Kijk hier voor meer informatie.